Inhoudsopgave

donderdag 19 april 2018

De Knecht des Heren (7) - Jezus is God

Is Jezus God?

Nu we een aantal zaken over de Here Jezus op een rijtje hebben gezet, is het tijd om het grootste wonder van Zijn Wezen - Zijn goddelijkheid - in ogenschouw te nemen. Dat doen we uiteraard met grote eerbied. De Bijbel, en met name het Nieuwe Testament, leert ondubbelzinnig dat Jezus God is. Nu is niet iedereen die mening toegedaan. Er zijn twee varianten. De eerste ontkent de goddelijkheid van de Here Jezus vanuit puur ongeloof. God bestaat niet, de Bijbel is een door mensen geschreven boek, en de persoon van Jezus van Nazareth was (als Hij al heeft bestaan!?) een gewoon mens als wij allemaal. De tweede vorm is veel geniepiger. God bestaat, de Bijbel is Gods Woord, maar Gods Woord leert niet dat Jezus God is. Ook in onze tijd wordt deze valse leer gehoord. Het gaat dan om een hedendaagse variant van de leer van Arius, het Arianisme, die ontkent dat Jezus God is, zoals o.a. de Jehova Getuigen en Christian Science beweren.

Jezus is God!

In zijn algemeenheid kun je stellen dat als Jezus niet God is, Hij dus alleen maar mens is. Dan heeft de boodschap van de engel Gabriel aan Maria geen betekenis meer, sterker nog, hij heeft haar bedrogen. Dat wat geboren zou worden is dan niet uit de Heilige Geest, maar gewoon van een menselijke vader. En als dat zo is, dat was Jezus een zondig mens, die niet ‘geschikt’ was om voor onze zonden te sterven. Weg evangelie! Wie zou daar toch achter zitten?
Je moet wel steke(ver)blind zijn om niet te zien dat het hele Nieuwe Testament van begin tot eind leert dat Jezus God is. Hieronder geef ik een paar van de bewijsplaatsen.

In Johannes 1:1 wordt Jezus het Woord genoemd.

In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.

Zoals God er altijd is geweest, zo was het Woord er ook altijd al. In Johannes 1:14 wordt gezegd dat dit Woord vlees geworden is.

Het Woord is vlees geworden en het heeft onder ons gewoond en wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als van de eniggeborene des Vaders, vol van genade en waarheid.

God nam dus een menselijke gestalte (gedaante) aan. God en mens in een Persoon. In Johannes 18:37 vinden we dezelfde waarheid in een prachtige definitie van de Here Jezus Zelf.

(…) Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen (…)

Hij is in de wereld gekomen! Welk mens kan dat van zichzelf zeggen? Ons menselijk bestaan begint op het moment van de conceptie. De Here Jezus bestond al, en is vanuit dat voorbestaan de wereld binnengekomen. Daarnaast is Hij geboren - als Mens - langs de weg van de conceptie (?), hoewel we daar slechts veronderstellend over kunnen spreken, omdat het de Heilige Geest was die 'Maria overschaduwde'; een menselijke vader is er niet aan te pas gekomen.

In Titus 2:13 schrijft Paulus dat Jezus Christus de grote God en Zaligmaker is.

(…) verwachtende de zalige hoop en de verschijning der heerlijkheid van onze grote God en Heiland, Christus Jezus

In Kolosse 1:16 en 17 schrijft Paulus dat Jezus alle dingen geschapen heeft;

16 want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen;
17 en Hij is voor alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem;

Hij is voor alles (= er eerder dan alles) en alle dingen hebben hun bestaan in Hem. Vergelijk Genesis 1:1

In den beginne schiep God de hemel en de aarde.

In Johannes 5:18 willen de Joden Hem stenigen omdat Hij Zich met God gelijkstelde.

Hierom dan trachtten de Joden des te meer Hem te doden, omdat Hij niet alleen de sabbat schond, maar ook God zijn eigen Vader noemde en Zich dus met God gelijkstelde.

Wie Zich met God gelijkstelt, zegt dat Hij God is. De Joden hadden Hem op dit punt goed begrepen! Zie ook Johannes 10:33.

De Joden antwoordden Hem: Niet om een goed werk willen wij U stenigen, maar om godslastering en omdat Gij, een mens, Uzelf God maakt.

We hebben hier te maken met ‘onwillige’ getuigen. Zij horen Jezus Zelf zeggen dat Hij God is. Zou Jezus liegen?

In Johannes 5:23 stelt Jezus dat het ontkennen van de Godheid van de Zoon betekent dat men de Vader van Zijn eer berooft.

(…) Wie de Zoon niet eert, eert ook de Vader niet, die Hem gezonden heeft.

In Johannes 5:33 herinnert Jezus de Joden aan het getuigenis van Johannes de Doper. Deze leerde dat Jezus God is.

Gij hebt tot Johannes gezonden en hij heeft van de waarheid getuigd;

In Johannes 1:30 zegt hij immers van Jezus dat deze er eerder was dan hij.

Deze is het, van wie ik zeide: Na mij komt een man, die voor mij geweest is want Hij was eer dan ik.

En dat terwijl we weten dat Johannes (als mens) ouder is dan de Here Jezus!

In Johannes 5:34 zegt Jezus dan ook dat wie dat getuigenis niet aanneemt, verloren is.

maar Ik behoef het getuigenis van een mens niet, doch Ik zeg dit, opdat gij behouden wordt.

Jezus zegt dus dat het geloven van het feit dat Hij God is, betekent behouden te zijn!

In Johannes 8:58 zegt Jezus:

Eer Abraham was, ben ik.

De betekenis hiervan is ‘voordat Abraham geboren werd, ben Ik’. Deze merkwaardige zinsbouw laat de bedoeling overduidelijk zien. Abraham werd geboren, Jezus (de tweede persoon van de godheid) niet. Toen Abraham werd geboren, bestond Jezus al vanaf de voorbije eeuwigheid. Hij is, Abraham werd. Hij is dus God. Het ‘Ik ben’ zal voor de Joden als een mokerslag zijn aangekomen. Er is maar een ‘Ik ben’, en dat is God, JHWH. Jezus is God, is JHWH.

Conclusie: Jezus is God. Je hoeft dat uiteraard niet te geloven. Maar ontkennen dat de Bijbel leert dat Jezus God is, kan niet. Deze heerlijke waarheid komt vanaf talrijke pagina's tot ons!

Er is meer…

De Here Jezus heeft duidelijk gezegd, dat Hij God is. Hij noemde Zichzelf 'Ik ben'. Er zijn echter nog veel meer 'Ik ben'-uitspraken van de Heer opgeschreven. Hier is een lijstje:

'Ik ben het Licht der wereld' (Johannes 8:12)
'Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven' (Johannes 14:6)
'Ik ben de Wederopstanding en het Leven' (Johannes 11:25)
'Ik ben de Goede Herder' (Johannes 10:11)
'Ik ben de Deur' (Johannes 10:9)
'Ik ben het Levende Brood' (Johannes 6:51)
'Ik ben de Ware Wijnstok' (Johannes 15:1)
'Ik ben de Alfa en de Omega' (Openbaring1:8)

Hoe zouden wij reageren als iemand tegen ons zei: 'Ik ben het Licht der wereld'? We zouden denken dat hij of zij een grapje maakt. Zou deze personen vasthouden aan zijn bewering, dan zouden we misschien denken dat er drugs in het spel waren. Zou blijken dat dit niet het geval was, dan speelden mogelijk gedachten aan de GGZ door ons hoofd. Maar serieus nemen zouden we zo'n uitspraak niet. Wie denkt deze persoon wel te zijn? God soms…?

Nu de Here Jezus echter degene is die zo'n en nog veel andere 'Ik ben'-uitspraken doet, komt de zaak anders te liggen. Waarom? Zijn leer (onderwijs) was zo bijzonder, zo gezaghebbend, dat de mensen aan Zijn lippen hingen. Het is niet erg aannemelijk dat zo'n wijs Persoon zich zo te kijk zet. Ten tweede liet Hij door vele tekenen, wonderen en krachten zien dat Hij meer was dan een mens. En dan is er nog zijn karakter. Nooit sprak Hij een verkeerd woord, nooit behandelde Hij iemand onrechtvaardig, nooit maakte Hij ruzie. Er was nog nooit iemand op aarde geweest als Hij.

De antichrist

Het ontkennen van de goddelijkheid van de Here Jezus is niet nieuw. Hierboven zagen we al dat de Joden er niet aan wilden. Toen de evangelieverkondiging op gang kwam, werd dit geloofspunt dikwijls onderwerp van (twist)gesprek. Het ontkennen van de goddelijkheid van de Here Jezus is onderwerp van de geestelijke oorlogsvoering. In 1 Johannes 4:2-3 stelt Johannes vast dat met het belijden van de goddelijkheid van de Here Jezus iemand bewijst een christen te zijn.

2 Hieraan onderkent gij de Geest Gods: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God;
3 en iedere geest, die Jezus niet belijdt, is niet uit God. (…) dit is de geest van de antichrist (…)

Iemand echter die de goddelijkheid van de Here Jezus ontkent, wordt aangemerkt als een antichrist. Achter de ontkenning van de goddelijkheid van de Here Jezus zit dus de satan, de demonische figuur achter de komende antichrist.
Satan zelf wilde (als) god zijn. Het werd de reden voor zijn val, lezen we in Jesaja 14.

12 Hoe zijt gij uit de hemel gevallen, gij morgenster, zoon des dageraads; hoe zijt gij ter aarde geveld, overweldiger der volken!
13 En gij overlegdet nog wel: Ik zal ten hemel opstijgen, boven de sterren Gods mijn troon oprichten en zetelen op de berg der samenkomst ver in het noorden;
14 Ik wil opstijgen boven de hoogten der wolken, mij aan de Allerhoogste gelijkstellen.

Maar Satan laat het er niet bij zitten. Tijdens de grote verdrukking zal hij het nogmaals proberen, getuige 2 Thessalonica 2.

3 Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval komen en de mens der
wetteloosheid zich openbaren, de zoon des verderfs,
4 de tegenstander, die zich verheft tegen al wat God of voorwerp van verering heet, zodat hij zich in de tempel Gods zet, om aan zich te laten zien, dat hij een god is.

Het is als het ware zijn levenswerk. Hij wil god zijn. Hij zal zich in de eindtijd openbaren in de gedaante van een mens: de antichrist. En in die gedaante zal hij korte tijd worden aanbeden alsof hij god is. Zie de verschillen met de Here Jezus. De Here Jezus werd echt mens (satan kan dat niet, hij neemt bezit van een al bestaand menselijk lichaam). De Here Jezus is God. Daarom komt Hem alle eer en aanbidding toe. En zo zal het uiteindelijk ook worden. Zie Filippenzen 2.

9 Daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de naam boven alle naam geschonken,
10 opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn,
11 en alle tong zou belijden: Jezus Christus is Here, tot eer van God, de Vader!

Een drie-enig God en Het Shema: 'Hoor Israël'

Het Shema is de Joodse geloofsbelijdenis. We vinden het in Deuteronomium.

4 Hoor, Israel: de Here is onze God; de Here is een!
5 Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht. (Deuteronomium 6:4-9)

Mensen die de godheid van Jezus Christus ontkennen wijzen nogal eens op deze tekst. Er staat immers 'de Here is een' (en niet twee of drie). Als de Here een is, dan kan er geen tweede zijn. Ergo: Jezus Christus is niet God. Hier valt weinig tegen in te brengen, lijkt het. Laten we daarom even naar de Hebreeuwse tekst kijken. Het woord dat vertaald is als één is 'echad'. Volgens de Studiebijbel OT, deel 2, pagina 851 kan 'echad' worden opgevat als:
  1. nummer een, een rang in een polytheïstische context (als er vele (af)goden zouden bestaan);
  2. enig of uniek;
  3. eenvoudig of eenvormig;
  4. een eenling, alleenheid (zonder familie).
'Echad' in de betekenis enig of uniek, lijkt de beste keuze, want God is enig, God is uniek. Er is echter nog een andere mogelijkheid. In Numeri 13 lezen we over de verspieders die het beloofde land doortrokken.

Toen zij in het dal Eskol gekomen waren, sneden zij daar een rank met een tros druiven af, die zij met hun tweeën aan een draagstok droegen; ook enige granaatappelen en vijgen. (Numeri 13:33)

Er staat hier 'een tros druiven', in de betekenis van het getal één, dus niet twee of meer. Het Hebreeuwse woord voor één is ook hier 'echad'. Het gaat dus om één tros, die uit vele druiven bestaat, een veelheid binnen de eenheid. Als we 'echad' in 'de Here is een' op die manier opvatten is er geen probleem, want binnen de eenheid is ruimte voor de veelheid - in dit geval drie (Vader, Zoon en Heilige Geest). De belijdenis dat de Here Jezus God is, strijdt derhalve niet met de mededelingen van het Oude Testament.

In het Nieuwe Testament vinden we - naast alle hierboven genoemde argumenten - een prachtig voorbeeld van de drie-enige God.

16 Terstond nadat Jezus gedoopt was, steeg Hij op uit het water. En zie, de hemelen openden zich, en hij zag de Geest Gods nederdalen als een duif en op Hem komen.
17 En zie, een stem uit de hemelen zeide: Deze is mijn Zoon, de geliefde, in wie Ik mijn welbehagen heb. (Mattheus 3:16-17)

We zien hier de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, respectievelijk de eerste, tweede en derde Persoon van de drie-enige God. Ook hier geldt: je kunt het geloven, je kunt het niet geloven. Het Bijbelse getuigenis is echter glashelder. Jezus Christus is God.