Inhoudsopgave

dinsdag 25 april 2017

Hoe oud is de aarde? (1)

Dit worden geen wetenschappelijke artikelen. Het is geen verdediging van het creationisme tegenover de evolutietheorie. Wel gaat het over de ouderdom van de aarde, en dan met name wat de Bijbel daarover zegt. Ik hoop te laten zien dat de Bijbel meer tijd sinds de schepping veronderstelt dan doorgaans in creationistische kringen wordt gesuggereerd. Ook hoop ik te laten zien dat de denktrant in simplistische weergaven van de evolutietheorie – het evolutionisme – ons zicht op Bijbelse gegevens en de consequentie van een juiste weergave van die gegevens vertroebelt. Dat evolutionisme beweert dat hoe verder we teruggaan in de menselijke geschiedenis, hoe primitiever de mens en diens samenleving wordt.

Heel simpel weergegeven verstaan we onder evolutie 'de leer dat de huidige mens, dier- en plantensoorten zich geleidelijk hebben ontwikkeld uit eerdere soorten' (Prisma woordenboek Nederlands). De allesoverheersende conclusie is dat deze ontwikkeling van eenvoudig naar ingewikkeld gaat. Creationisme daarentegen is de 'theorie die alles wat bestaat, verklaart uit de schepping door God' (Prisma woordenboek Nederlands).

Geslachtsregisters

De Bijbel bevat een aantal geslachtsregisters. Voor dit artikel zijn vooral die uit Genesis hoofdstuk 5 en 11 van belang. Laten we eens veronderstellen dat deze lijsten compleet zijn, en dat 'vader-zoon' uitsluitend 'lijfelijk vader-zoon' is. Enig rekenwerk leidt dan tot de conclusie dat de zondvloed plaatsgevonden heeft in 2459 voor Christus, 1656 jaar na de schepping. Adam is geschapen in 4115 voor Christus. Het is echter maar de vraag of we dit zo kunnen stellen. Het gaat derhalve om de vraag of de lijsten 'gesloten' zijn (ze geven de juiste en complete informatie) of 'open' (ze geven juiste informatie, maar zijn niet compleet).

Symmetrie

Het eerste punt dat ons in de registers uit Genesis hoofdstuk 5 en 11 moet opvallen is dat ze qua structuur geheel identiek zijn. Ze beschrijven tien generaties en eindigen met een vader met drie zoons.

Toen Noach vijfhonderd jaar oud geworden was, verwekte Noach Sem, Cham en Jafet.
(Genesis 5:32)

Toen Terach zeventig jaar geleefd had, verwekte hij Abram, Nachor en Haran[1]. (Genesis 11:26)

Het evangelie van Matteus laat in het eerste hoofdstuk iets dergelijks zien.

Al de geslachten dan van Abraham tot David zijn veertien geslachten en van David tot de Babylonische ballingschap veertien geslachten en van de Babylonische ballingschap tot de Christus veertien geslachten. (Matteus 1:17)

Het heeft er zo alle schijn van dat deze symmetrie met opzet is aangebracht – 10 generaties, 3 maal 7 generaties.

Open of gesloten?

In 1 Kronieken 6:1-14 vinden we een geslachtslijst die overeen lijkt te komen met een lijst in Ezra 7:1-5.  Het doel van de lijst in Ezra was bewijzen dat Ezra een nakomeling van Aaron was. Vers 6 zegt dat 'Hij een schriftgeleerde was, bekwaam in de wet van Mozes'. Blijkbaar was dat niet genoeg, en dus moest zijn afstamming van Aaron worden aangetoond. Ezra hoefde voor dat doel niet de hele lijst op te voeren. Een vergelijk met 1 Kronieken 6 leert namelijk dat hij zes namen weglaat. Aangezien hij een schriftgeleerde was, zal die weglating bewust zijn gedaan, en geen vergissing.

Ezra laat zes namen weg
(Klik/tap om te vergroten)

Ezra begint in het heden en eindigt bij Aaron. Kronieken begint in het verleden en eindigt in het toenmalige heden. De lijst uit Ezra noemen we open (of: gesegmenteerd), de lijst uit Kronieken gesloten (of: lineair).

Zoon van …

In veel geslachtslijsten wordt de aanduiding 'zoon van' gebruikt. De volgende teksten laten zien dat 'zoon van' ook kleinzoon of achterkleinkind kan betekenen.

Laban had Bilha als slavin aan Rachel gegeven. Bilha kreeg zeven zonen die golden voor Rachels zonen. Uit de voorgaande verzen blijkt echter dat kleinzonen ook als zonen telden.
Dit waren de zonen van Bilha, die Laban aan zijn dochter Rachel gegeven had, en zij baarde dezen aan Jakob, het gehele zielental zeven. (Genesis 46:25)
 Laban had Zilpa als slavin aan Lea gegeven. Zilpa kreeg zestien zonen die golden voor Lea's zonen. Uit de voorgaande verzen blijkt echter dat kleinzonen ook als zonen telden.
Dit waren de zonen van Zilpa, die Laban aan zijn dochter Lea gegeven had, en zij baarde dezen aan Jakob; zestien zielen. (Genesis 46:18)
 Elisa stuurt een van zijn leerlingen op pad. Hij moet Jehu, de zoon van Josafat, de zoon van Nimsi, tot koning zalven.
Wanneer gij daar gekomen zijt, zie dan uit naar Jehu, de zoon van Josafat, de zoon van Nimsi. Ga bij hem binnen, doe hem opstaan uit het midden van zijn wapenbroeders en breng hem in de binnenste kamer. (2 Koningen 9:2)
Even verderop wordt Jehu geïdentificeerd als Jehu, de zoon van Nimsi. Het 'zoon van Josafat' is weggelaten. Nu lijkt de tekst te zeggen dat Jehu de zoon van Nimsi is, terwijl hij volgens vers 2 de kleinzoon is.
En de wachter berichtte: Hij is bij hen aangekomen, maar keert niet terug. En zoals zij voortjagen, zo jaagt alleen Jehu, de zoon van Nimsi, want hij jaagt als een razende. (2 Koningen 9:20)
Matteus laat zien dat de Here Jezus van David en Abraham afstamt. Hij noemt Hem echter tweemaal 'zoon van'.
Geslachtsregister van Jezus Christus, de zoon van David, de zoon van Abraham. (Matteus 1:1)

Alleen personen?

In Genesis 10 zien we nog duidelijker dat geslachtsregisters geen chronologie willen zijn. Onderstaande grafiek toont dat de lijsten behalve de namen van personen, ook namen van landen, volken, steden en stammen bevatten. Het zal duidelijk zijn dat een man geen volkeren en dergelijke voortbrengt. De lijst wil alleen zeggen dat een deel van het nageslacht van een persoon teruggevonden kan worden in een volk of stam.
De lijsten als geheel laten zien hoe de lijn der geslachten van Adam en Eva tot op Israël globaal is verlopen.

Wie kende wie?

Als we de geslachtslijsten uit Genesis 5 en 11 bekijken komen we tot enkele merkwaardige conclusies. Adam heeft Set, Enos, Kenan, Mahalalel, Jered, Henoch, Metuselach en Lamech gekend. Enos, Kenan, Mahalalel, Jered, Metusalach en Lamech leefden nog toen Noach in beeld kwam. Wat lezen we over Noach?

Noach was onder zijn tijdgenoten een rechtvaardig en onberispelijk man; Noach wandelde met God. (Genesis 6:9)

En de Here zeide tot Noach: Ga in de ark, gij en geheel uw huis, want u heb Ik in dit geslacht voor mijn aangezicht rechtvaardig bevonden. (Genesis 7:1)

Als Noach zich zo duidelijk onderscheidde van zijn tijdgenoten, hoe zat het dan met mannen als Enos, Kenan, Mahalalel, Jered, Metusalach en Lamech? Waren die dan niet rechtvaardig en onberispelijk? Doorgaans kenschetsen we de lijn van Adam, Set en verder als 'goede mensen', terwijl de lijn van Adam, Kain en verder als 'slecht' te boek staat. Het kan niet kloppen dat 'de goede lijn' zo slecht was, dat alleen Noach nog door God als rechtvaardig kon worden betiteld. Deze mensen leefden derhalve niet in dezelfde tijd, ze waren allang gestorven toen God Noach opdracht gaf tot de bouw van de ark. En, zoals we boven zagen, de systematiek van de geslachtslijsten laat deze conclusie toe.

In Genesis 11 is iets vergelijkbaars aan de hand. Noach leefde nog in de tijd van Abraham. Sem leefde nog ten tijde van Isaak en Jakob. Nergens in de Bijbel vinden we echter ook maar enige aanwijzing dat deze mannen elkaar kenden. Men wijst wel eens naar Melchisedek. Hij zou Sem zijn. In Hebreeën wordt het volgende van Melchisedek gezegd.

1 Want deze Melchisedek, koning van Salem, priester van de allerhoogste (…)
2 (…), is vooreerst, volgens de uitlegging (van zijn naam): koning der gerechtigheid, vervolgens ook: koning van Salem, dat is: koning des vredes;
3 zonder vader, zonder moeder, zonder geslachtsregister, zonder begin van dagen of einde des levens, en, aan de Zoon van God gelijkgesteld, blijft hij priester voor altoos. (Hebreeën 7:1-3)

Maar Sem was niet zonder vader, zonder moeder, zonder geslachtsregister. Hij kan dus Sem niet zijn. We zagen eerder dat Noach met God wandelde. Van Abraham daarentegen weten we dat hij, voor God hem riep, de afgoden diende!

En Jozua zeide tot het gehele volk: Zo zegt de Here, de God van Israel: aan de overzijde der Rivier hebben oudtijds uw vaderen gewoond, Terach, de vader van Abraham en de vader van Nachor, en zij hebben andere goden gediend. (Jozua 24:2)

Hieruit valt af te leiden dat Abraham leefde lang nadat Noach en Sem waren gestorven. De enige andere verklaring zou kunnen zijn dat Noach en Sem nagelaten hebben Abraham op diens dwaling te wijzen. Maar dit laatste is zo onwaarschijnlijk, dat het eerste wel waar moet zijn.

Cultuur?

Als we gaan rekenen met de getallen van Genesis 5 en Genesis 11 dan vinden we dat Abraham een kleine 300 jaar na de zondvloed is geboren. Lezen we daarnaast de geschiedenis van Abraham dan zien we dat in zijn tijd vele volken en culturen tot bloei waren gekomen. Ur der Chaldeeën, Sodom, Gomorra en Egypte bestonden al geruime tijd. Acht mensen overleefden de zondvloed. Hoe groot zal de mensheid geweest zijn na 300 jaar? Veel te klein om tot zulke belangrijke daden in staat te zijn.
Nog voor Abrahams geboorte vond de geschiedenis van de torenbouw van Babel plaats. Genesis 11 laat duidelijk zien dat het niet een handjevol mensen was dat 'een stad met een toren die tot in de hemel reikte' ging bouwen. De omstandigheden gedurende het leven van de mensen die worden genoemd in de geslachtslijsten in Genesis 11 wijzen onontkoombaar op veel meer tijd dan de luttele honderden jaren die de 'gesloten' lijsten suggereren.

Genesis 1 en 2

Hoe zit het dan met Genesis 1 en 2? Valt daar nog iets te zeggen over 'meer tijd'? Misschien, maar leidt waarschijnlijk tot gespeculeer. Daar komt bij dat Mozes in zijn afscheidsrede iets heel bijzonders zegt.

Gedenk aan de dagen van weleer, let op de jaren van geslacht na geslacht (Deuteronomium 32:7)

Mozes' oproep valt in twee delen uiteen. De jaren van geslacht na geslacht begonnen met de schepping van de mens. De dagen van weleer moeten we daar aan voorafgaand denken. Waarschijnlijk zullen we het hiermee moeten doen.

In het volgende artikel ga ik in op mogelijke consequenties van dit alles.





[1] De LXX voegt Kainan in, die ook in Lucas 3:36 wordt genoemd. Dit leidt tot de genoemde 10 generaties.

dinsdag 11 april 2017

Wat is er te zien aan het firmament? (6. Sterren en planeten)

Sterren

De Bijbel wist het al en de wetenschap heeft het bevestigd. Er zijn ongelooflijk veel sterren. De meesten van die sterren kunnen we niet zien. Men schat dat we in een maanloze nacht zo'n 2000 sterren zouden kunnen tellen. Dit zijn sterren die in onze 'eigen' Melkweg staan. Onze Melkweg bevat echter niet enkele duizenden maar enkele honderden miljarden sterren. En dat is nog maar een begin. We weten inmiddels dat er ook nog eens miljarden sterrenstelsels zijn, andere Melkwegen dus. Als we al die Melkwegen zouden vermenigvuldigen met de miljarden sterren per sterrenstelsel krijgen we een verbijsterend groot aantal sterren: 100.000.000.000.000.000.000! (een 1 met 20 nullen). Maar echt zeker is dit niet. Het kunnen gemakkelijk nog veel meer zijn. 

Miljarden sterren
(Klik/tap om te vergroten)
 Sterrenstelsels

Het sterrenstelsel waarin onze zon zich bevindt, noemen we dus de Melkweg. Die naam is ontstaan doordat tijdens een donkere nacht de Melkweg als een langgerekte bleekwitte band van de ene kant van de hemelkoepel naar de andere kant loopt. Vanwege al het kunstlicht in Nederland is er hier maar weinig van te zien, maar op plaatsen zonder lichtvervuiling vormt de Melkweg een schitterend schouwspel. Al die sterren bij elkaar geven 's nachts een sprookjesachtige zachte gloed. De Melkweg bestaat overigens niet alleen uit sterren. Om het leeuwendeel van die sterren draaien waarschijnlijk een of meer planeten. Andere grote objecten in de Melkweg zijn de vele gaswolken, die van dichtbij bekeken met een ruimtetelescoop prachtige plaatjes opleveren. Sterrenstelsels kunnen verschillende vormen hebben. De bekendste vorm is de spiraalnevel – ook onze Melkweg heeft deze vorm.

Sterrenstelsel
(Klik/tap om te vergroten)
 Zonnestelsel

Onze eigen ster – de Zon – staat in het midden van ons zonnestelsel, het (!) zonnestelsel. Voor zover nu bekend draaien er acht planeten om de Zon. Mercurius, Venus, Aarde en Mars zijn de kleintjes. Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus zijn gasreuzen. Pluto noemen we tegenwoordig een dwergplaneet. Tezamen met een enorme gordel rotsblokken tussen de banen van Mars en Jupiter, en talloze planetoïden, kometen en meteoroïden draaien al die objecten hun rondjes om de zon. Een aantal planeten is vanaf de aarde met het blote oog goed te zien. Dat zijn Venus, Mars en Jupiter. In tegenstelling tot sterren geven planeten geen licht. Ze zijn alleen maar zichtbaar omdat ze zonlicht weerkaatsen.

Jupiter
(Klik/tap om te vergroten)
 Wat zegt de Bijbel?

In Abrahams tijd – duizenden jaren voor Christus – was al bekend dat er ontelbaar veel sterren zijn. Let maar eens op de betekenis van de woorden die JHWH tot Abraham sprak.

(…) en uw nageslacht zeer talrijk maken, als de sterren des hemels en als het zand aan de oever der zee, (…). (Genesis 22:17)

Stel dat alleen het aantal echt zichtbare en dus te tellen sterren aan Abraham bekend was, dan zou de belofte niet zoveel voorstellen. Hoeveel nakomelingen? Zo'n 2000? Leuk, maar niet direct spectaculair. Maar God noemt ook het zand aan de oever van de zee. En dat is andere koek. De zandkorrels aan de oever van de zee tellen? Onbegonnen werk! Maar dat houdt meteen ook in dat het aantal sterren ontelbaar is, anders zou de vergelijking van sterren en zandkorrels met zichzelf in tegenspraak zijn. En zelfs als Abraham niet op de hoogte was van het enorme aantal sterren, dan was hij ongetwijfeld slim genoeg om tot de juiste conclusie te komen. Het aantal sterren is net als het aantal zandkorrels aan zee niet te tellen.

De dubbele vergelijking (sterren, zandkorrels) heeft nog een andere betekenis. Men wijst dan op het tweevoudige nakomelingschap van Abraham. Er is een aards volk, Israël, voorgesteld door de zandkorrels en een hemels volk, de gemeente, verbeeld door de sterren.

Schijnbare figuren

Tot slot nog eenmaal over sterrenbeelden. Een sterrenbeeld is een aantal sterren die schijnbaar een figuur vormen. Op afbeeldingen zie je de sterren vaak verbonden met lijnen – die er in werkelijkheid natuurlijk niet zijn. De sterren van een sterrenbeeld lijken dicht bij elkaar te staan. Dat lijkt zo omdat ze herkenbare vormen tonen – rechte lijnen, driehoeken, vierkanten, etc.. Het is de menselijke fantasie die namen heeft gegeven aan zulke vormen. Sterren in sterrenbeelden lijken bij elkaar te horen omdat ze met gelijke helderheid aan de hemel staan. Maar dat is doorgaans slechts schijn: de ene ster staat in werkelijkheid veel verder weg dan de andere.

Plejaden (ook wel Pleiaden of Zevengesternte)

Hoewel de Plejaden als sterrenbeeld te boek staan, is het in werkelijk een open sterrenhoop van wel 500 sterren. Dit houdt dat de sterren van de Plejaden wél bij elkaar horen – en niet slechts schijnbaar, zoals bij de meeste sterrenbeelden het geval is.
 
De Plejaden
(Klik/tap om te vergroten)

Hij, die zijn eigen weg wil gaan,
ziet dwaallicht vaak voor sterren aan,
en gaat hij op dat schijnsel door,
dan dwaalt hij licht van 't rechte spoor.

(Gezang 196:3)

vrijdag 7 april 2017

Wat is er te zien aan het firmament? (5. De maan)

Enkele weetjes over de maan

Onze maan is erg bijzonder omdat het in verhouding tot de planeet waarom ze draait de op een na grootste is van ons zonnestelsel. Er zijn een paar manen die nog groter zijn dan de onze, maar die draaien om reuzenplaneten. De miniplaneet Pluto heeft een maan die in verhouding nog groter is, maar Pluto's maan Charon zelf is veel kleiner dan de onze.
De diameter van de maan is 3475 kilometer. De gemiddelde afstand aarde-maan is 384 440 km. De baan die de maan om de aarde draait is niet cirkelvormig. De grootste afstand aarde-maan is 405 500 km, de kleinste 363 345. Vandaar dat we spreken over gemiddelde afstand. De maan heeft geen atmosfeer.

De rotatie van de maan om de aarde is synchroon. Dat wil zeggen dat de maan precies één keer om zijn as draait tijdens een rondje om de aarde. Het gevolg is dat we altijd dezelfde kant van de maan zien.
Als de schaduw van de aarde op de maan valt, spreken we van een maansverduistering. Staat de maan tussen de zon en de aarde in, dan is het mogelijk een zonsverduistering waar te nemen.
De aantrekkingskracht die de maan op de aarde uitoefent, leidt tot getijden – eb en vloed. Hierdoor is het water in de oceanen constant in beweging, wat erg belangrijk is voor het leven op aarde. Als zon, maan en aarde op één lijn staan, versterkt dat de aantrekkingskracht en spreken we van springvloed. Staan zon, maan en aarde daarentegen onder een hoek ten opzichte van elkaar, dan werken de aantrekkingskrachten elkaar tegen, en ontstaat er doodtij.

Het oppervlak van de maan ziet er pokdalig uit. Dat komt door de inslagen van grote en kleine steenmassa's vanuit de ruimte. Omdat de maan geen atmosfeer heeft, verbrandt er niets en bereikt alles ongeschonden het maanoppervlak.

Volle maan
(Klik/tap om te vergroten)
 De Bijbel spreekt over de maan als fundament onder de kalender

In Psalm 104 wordt de regelmaat die God in de schepping heeft gelegd benadrukt. De zon is nodig om dag en nacht van elkaar te onderscheiden, aan de maan wordt de afwisseling van de maanden ontleend. Israël had dan ook een maankalender, waarover hieronder iets meer.

Hij heeft de maan gemaakt voor de vaste tijden, de zon kent de tijd van haar ondergang. (Psalm 104:19)

In de zegenspreuk over Jozef wordt de maan tot de zegeningen uit de hemel gerekend, nodig om de oogst tot stand te brengen. Dat lijkt enigszins vreemd, maar we moeten hier denken aan de seizoenen die kunnen worden vastgesteld aan de hand van de standen van de maan. Zaaien en oogsten moet immers op het juiste moment plaatsvinden.

13 Van Jozef zeide hij: Zijn land zij door de Here gezegend (…)
14 (…) met de kostelijkste gave, die de maan doet uitspruiten; (Deuteronomium 33:13-14)

Nieuwe maan is een belangrijk ijkpunt

Volgens Numeri 28:11 was Israel aan het begin van elke maand verplicht een offermaaltijd te houden. David - nog in dienst van Saul - werd geacht daarbij aanwezig te zijn.

David antwoordde Jonatan: Zie, morgen is het de nieuwe maan, dan zou ik bij de koning aan de maaltijd moeten deelnemen. Indien gij mij verlof geeft, houd ik mij in het veld verborgen tot overmorgenavond. (1 Samuel 20:5)

De zoon van de Sunamitische sterft ten gevolge van een zonnesteek. De moeder wil met haar gestorven zoon naar Elisa. Haar man, die niet van het sterven op de hoogte is, verbaast zich dat zijn vrouw wil vertrekken. Dat doe je toch alleen maar bij speciale gelegenheden zoals een nieuwemaansfeest?

En hij vroeg: Waarom wilt gij vandaag naar hem toegaan? Het is immers geen nieuwe maan of sabbat. Maar zij antwoordde: Wees maar gerust. (2 Koningen 4:23)

De psalmist roept op om de bazuin te blazen. Dit diende te gebeuren aan het begin van elke nieuwe maand (nieuwe maan), en tweemaal halverwege een maand (volle maan), namelijk Pascha en Loofhuttenfeest.

Blaast de bazuin op de nieuwe maan, op volle maan voor onze feestdag. (Psalm 81:4)

We zien dus dat de bepaling van belangrijke data aan de hand van de maan plaatsvond.

De Bijbel spreekt naast de zon ook over de maan als afgod

In het Oude Testament wordt vaak over afgoderij gesproken. Ook hemellichamen werden vereerd als afgod. God waarschuwt – bij monde van Mozes – Israël die weg niet op te gaan.

En dat gij ook uw ogen niet opslaat naar de hemel, en de zon, de maan en de sterren, het gehele heer des hemels, aanziet en u laat verleiden u voor die neer te buigen en hen te dienen, die de Here, uw God, heeft toebedeeld aan alle volken onder de ganse hemel (Deuteronomium 4:19)

Job vertelt dat de pracht van het firmament hem in verleiding kon brengen in de zon en de maan afgoden te zien. Hij heeft het niet gedaan, omdat hij weet dat God dit verbiedt.

26 Indien ik de zon heb aangezien, wanneer zij straalde, en de maan, die in pracht voortschreed,
27 Zodat mijn hart heimelijk verlokt werd, en mijn hand mijn mond heeft gekust,
28 Dan zou ook dat een ongerechtigheid zijn geweest, voor de rechter te boeten, want ik zou God daarboven hebben verloochend. (Job 31:26-27)

Afgoderij

De maan werd op vele plaatsen verafgood. Bekend zijn de Griekse Aphrodite, de Artemis van Efeze (Handelingen 19) en de Romeinse Luna (Luna betekent maan). Maar ook in onze tijd speelt de maan een rol in afgoderij. De neoheidense wicca (zie vorige artikel) vereert de maan als de Grote Moedergodin.

Maankalender

De Joodse kalender is hoofdzakelijk een maankalender. Immers, bij elke nieuwe maan begint een nieuwe maand. Een betrouwbare zuivere maankalender – dat wil zeggen de maan volgen zonder correcties toe te passen - is niet goed mogelijk.
Het probleem is dat in een zonne­jaar (de aarde is dan eenmaal rond de zon gegaan) ongeveer 12,4 maan-maanden gaan. Dat pakt altijd verkeerd uit. Ga je uit van een maanjaar van 12 maan-maanden, dan kom je ieder jaar 11 dagen tekort. Kies je voor een maanjaar van 13 maan-maanden dan heb je 19 dagen te veel. Welke keus je ook maakt, geen jaar zal meer gelijk zijn aan het vorige of volgende. Wie in de zomer jarig is, zal uiteindelijk in de winter zijn verjaardag vieren, en jaren later weer in de zomer. Dit verschuiven van de maanden werd opgevangen door af en toe een extra (13de) maand in te voegen.
In de vierde eeuw na Christus ontwierp Hillel II een vaste kalender. Deze is gebaseerd op ingewikkelde rekenkundige en astronomische berekeningen. De eerste regel stelt dat de maanden om-en-om 29 en 30 dagen tellen. Het fijn-tunen van de kalender leidt tot gecompliceerde berekeningen. De kalender van Hillel II is nog steeds in gebruik.

De moslims gebruiken een maankalender van afwisselend 29 en 30 dagen per maand. Omdat het de moslims niet is toegestaan correcties hierop toe te passen, verschuiven hoogtijdagen als de ramadan en het suikerfeest van jaar tot jaar.

Het hoge jaartal op de Joodse kalender wordt verklaard doordat men de leeftijden van alle in de Bijbel vanaf de schepping genoemde personen bij elkaar optelt. Het gevolg is dat waar wij 2017 tellen, de Joodse kalender op 5778 staat.