Een goed kinderboek gaat uit van het niveau waarop het kind functioneert en houdt rekening met diens belevingswereld. De eerste eis betekent dat de instructie adequaat moet zijn, dat wil zeggen dat helder moet worden uitgelegd wat er moet gebeuren en waarom dat op die manier moet. De tweede eis betreft de materie waaromheen de instructie wordt gegeven. Het leren werken met een computerprogramma kan niet zonder inhoud. Daarom staat een project centraal. Terwijl de instructie wordt doorgewerkt, groeit onder de handen van het kind een compleet werkstuk, spreekbeurt of programma. Is de instructie afgerond dan beschikt het kind over iets dat de moeite waard is. Bij voorkeur werk ik daarom met open eindes. Er is na het doorwerken van het boek voldoende kennis en vaardigheid aangedragen om ook andersoortige werkstukken aan te vatten. Tevens is het gemaakte interessant genoeg om er verder aan te bouwen. Zie hier de reden waarom mijn boeken meer zijn dan alleen knoppencursussen.
|
|
|
|
|